Monthly Archives: May 2006

Leya – Watch You Don't Take Off

Rubyworks / Munich

leya-watch_you_dont_take_off.jpgVoor sommige artiesten hoop je dat het hebben van bekende vriendjes helpt hen zelf een grote naam te worden. Zo denk ik over Leya in ieder geval. Zanger Ciaran Gribbin van deze Ierse band kan het heel goed vinden met de heren van Snow Patrol. Gary Lightbody is een grote fan van hun muziek en vooral de stem van Gribbin, en noemt deze een van de meest bijzondere die hij in lange tijd gehoord heeft. Mooie woorden natuurlijk, maar Gary vindt het klaarblijkelijk echt. Anders nodigde hij Ciaran vast niet uit om plaats te nemen in een zes koppen tellend koortje dat Snow Patrol assisteerde bij een secret gig in het Royal Opera House en om op Eyes Open mee te zingen. Ik moet Gary ook wel een beetje gelijk geven. Al hoor ik in de muziek en de stem van Ciaran wel heel veel andere bandjes die een plekje hebben verworven in mijn cd-kast. Het mooie aan het debuut van Watch You Don’t Take Off, vind ik de vele gezichten van de plaat. De door HotPress tot Ierland’s grootste belofte voor 2006 uitgeroepen band kan ingetogen en schaars begeleid klinken zoals in een mooi nummer van Ben Christophers, maar kan ook uit haar voegen barsten van de bombast zoals Muse dat kan. Tussendoor maken ze dan ook nog liedjes van Coldplay– en Keane-achtige onschuld, waarbij ze het gebruik van een heel peloton strijkers niet schuwen. En in alle liedjes trekt inderdaad Ciaran met zijn lenige stem steeds weer de aandacht. Daar moet je tegen kunnen, maar als je houdt van goedgedoseerde melodramatiek, dan ben je bij Leya aan het juiste adres.

File: Leya – Watch You Don't Take Off
File Under: Een plaat met vele aangename gezichten.
File Audio: [The Dream The Money Bought]

My Latest Novel – Wolves

Bella Union / Bang

my_latest_novel-wolves.jpgIk kom er eerlijk voor uit. Ik ben een downloader. Vele platen haal ik binnen via de geijkte kanalen en vele platen gooi ik ook weer weg. En de pareltjes die ik vind, die worden vervolgens aangeschaft. Want hoe makkelijk downloaden ook is, er gaat toch niets boven een echte cd, met een boekje. En daarnaast wil ik natuurlijk dat mijn favoriete artiesten ook in de toekomst nog plaatjes gaan maken. Ik gebruik het internet in feite zoals ik voorheen de platenzaak gebruikte. En een enkele keer om me weer eens in jeugdsentiment te wentelen. Zoals na de eerste keer dat ik Wolves van My Latest Novel beluisterde. De eerste associatie die ik had: Immaculate Fools! En meteen rijst de vraag dan: waar zijn ze gebleven? Een zoektocht over het internet leverde niet veel op, een zoektocht langs de geijkte downloadkanalen ook niet veel. Wel vond ik hun “grootste hit”, “Immaculate Fools” getiteld. Ze bestaan dus niet meer. Jammer, maar niet onoverkomelijk, want Glaswegians My Latest Novel vullen de lacune meer dan verdienstelijk. Minder elektrisch dan de Fools, meer Schots, als u wilt, maar met hetzelfde gevoel. Denkt u aan een The Arcade Fire, wellicht aan een Tindersticks, een beetje Belle and Sebastian, The Decemberists of een akoestische Mogwai. Maar denkt u vooral aan My Latest Novel. Mooie gedragen liedjes afgewisseld met epische uitbarstingen. Nu al bijna de plaat van het jaar. En volgende week staan ze gewoon op The Music in My Head. Laat het niet aan u voorbij gaan…

File: My Latest Novel – Wolves
File Under: Jaarlijstjesvoer!
File Audio: [ MySpace]

Gina Villalobos – Miles Away

Laughing Outlaw / Bertus

gina_villalobos-miles_away.jpgToch aardig dat de kritiek op de vorige plaat van Gina Villalobos weerlegd wordt op haar nieuwe cd, Miles Away. Rock ‘N’ Roll Pony was te netjes en vooral de begeleidingsband klonk te braaf om de muziek voor de ‘dirty country rock’ door te laten gaan die Gina Villalobos pretendeerde te maken. Miles Away brengt haar een stuk verder in die richting. Deze derde cd (de vierde als we haar liveplaat Live meetellen) geen mijlen ver verwijderd (pun intended) van Rock ‘N’ Roll Pony, maar een grote stap in de goede richting is het wel. Dat ze liedjes kan schrijven had ze al wel aangetoond, maar het titelnummer van Miles Away en “Somebody Save Me” behoren tot het beste wat er op dit moment in het singer/songwriter-wereldje gemaakt wordt. Tel daarbij op dat haar stem een nog rafeliger braam gekregen heeft dan ze al had en de titel ‘new queen of Country Rock’ is nog maar een klein beetje overdreven. Wel moeten Mary Gaultier en Lucinda Williams zo langzamerhand een fikse groep zangeressen naast zich dulden in de categorie van de hele groten als we het hebben over dames in de countryrock.

File: Gina Villalobos – Miles Away
File Under: Bijna eregalerij
File Audio: [Miles Away] [Somebody Save Me]

House of Shakira – Live At Firefest 2005

Lion Music / Bertus

house_of_shakira-live_at_firefest_2005.jpgUiteindelijk haalde de rerelease van House of Shakira‘s Lint net niet mijn jaarlijstje over 2005, maar dat scheelde niet veel. De cd draait hier sindsdien met enige regelmaat zijn rondjes, dus toen zij onderwerp waren van de eerste Lion Music-dvd-release Live at Firefest 2005 was ik, ehm, verre van ongelukkig dat ik hem te bespreken kreeg. De setlist was een mooie overzicht van de studio-albums van de Zweden, dus mijn verwachtingen waren hooggespannen toen ik de dvd de speler inschoof. In prettig onopgesmukte opnamen, zonder flitsende beeldwisselingen of andere zaken die afleiden van de muziek, zag ik een goede, hardwerkende band, die zijn stinkende best deed om het publiek nog een beetje mee te krijgen. Ik hoorde boevndien goede songs en vakkundig spel. Geen moment kreeg ik echter het gevoel dat ik dezelfde band hoorde als bij Lint. Waar op Lint de band een Extreme-achtige combinatie van hypercommercieel en stronteigenwijs toonde, blijkt daar live weinig van over te blijven. Begrijp me niet verkeerd: het is nog steeds een prima klinkende rockband met behoorlijke songs, maar het meest onderscheidende van House of Shakira – de popmelodieëen in een rockjasje met een sterke rol voor de koortjes – valt op deze dvd bijna niet op. Opvallender zijn eigenlijk de bonusopnamen op de dvd: beelden uit de tijd dat ze nog The Station heetten, met zowel de band als het publiek in heel foute jasjes met schoudervullingen en met kapsels die je een poedel nog niet zou aandoen. Live at Firefest 2005 is goed, maar ik zet liever Lint nog een keer op.

File: House of Shakira – Live At Firefest 2005
File Under: Meer wanddecoratie dan schilderij

Mark Knopfler & Emmylou Harris / Stef White & Kersten de Ligny

Mercury / Universal & Inbetweens / Clearspot

mark_knopfler_and_emmylou_harris.jpgOp papier leek het me wel een mooie combinatie, de samenwerking tussen Mark Knopfler en Emmylou Harris. Niet dat ik het nou van de laatste cd’s van Knopfler warm krijg, maar toch, ik was wel nieuwsgierig wat het smaakvol sobere gitaarwerk van Knopfler zou doen met de nog immer wonderschone stem van countrygodin Emmylou Harris. Het schijnt dat ze zeven jaar aan de liedjes van All the Roadrunning gesleuteld hebben. Nou, ik hoor het er niet aan af. Of misschien hoor je juist wel terug dat ze er zo lang aan gewerkt hebben en dat ze alles wat er maar gepolijst kon worden ook daadwerkelijk gladgestreken is. Het maakt dat All The Roadrunning vol staat met liedjes die qua spanning gelijk staan aan het kijken naar het groeien van mos op de klinkers in de Kalverstraat: d’r gebeurt geen zak. Nou vooruit, in één of twee liedjes slaat er nog wel iets van een vonk over, maar de meeste nummers staan zo bol van het gedreutel dat zelfs de stem van Emmylou ze niet kan pimpen tot iets dat het me ook maar een beetje warm kan maken.
stef_white_and_kersten_de_ligny.jpgNee, doen mij dan maar de debuut-cd van de mij tot het verschijnen van deze cd volstrekt onbekende Stef White & Kersten de Ligny. Op zich zijn de liedjes hierop ook braaf, is Stef White geen gitarist van het kaliber Mark Knopfler (sterker nog het belangrijkste gitaarwerk laat hij over aan Martin van Helden) en Kersten de Ligny (ook al is ze geschoold aan Academie voor Lichte Muziek) geen tweede Emmylou Harris. Toch raken deze liedjes mij veel meer dan de gladgestreken werkjes van Knopfler & Harris. Gewoon omdat ze puur zijn en wel ergens over gaan. Zoal bijvoorbeeld het openingsnummer “A Million Cries”. Vlak bij het huis waar de ouders van De Ligny wonen werd Theo van Gogh overhoop geschoten. Over die ingrijpende gebeurtenis schreef De Ligny een liedje, waarin ze de desoriëntatie van onze samenleving mooi verwoord. Het tweetal laveert in hun grotendeels akoestische liedjes opvallend soepel op en neer tussen country en folk. Alhoewel de twee solo zingend prima hun boontjes kunnen doppen, vind ik het toch het mooiste als hun stemmen samenkomen zoals bijvoorbeeld in “Day’s Getting Longer” en ” Let Me Take You Away”. Eigenlijk is het bizar dat ik met een Nederlands duo de vieze smaak van twee enorme grote namen kan én moet wegspoelen, maar het gebeurt toch.

File: Mark Knopfler & Emmylou Harris – All The Roadrunning
File Under: Te gladgestreken en braaf

File: Stef White & Kersten de Ligny – Stef White & Kersten de Ligny
File Under: Ook braaf, maar wel folk/americana die je wel wat doet.

The Czars – John Grant

Interview: André

‘Misschien dat ik gewoon helemaal met muziek ga stoppen.’
Eigenlijk had hier een heel ander verhaal moeten staan. Misschien zou het dan niet zo bijster interessant zijn geweest, maar toch had ik dat zelf liever zo gezien. Gewoon het zoveelste interview met een artiest die na jarenlang te hebben moeten knokken eindelijk de waardering krijgt die hij verdient. Alweer zo’n Amerikaan die na een bescheiden succes in Europa dan toch een platendeal in eigen land heeft weten te scoren. Eentje die knopen heeft doorgehakt en klaar is voor een mooie toekomst.
czars_klein.jpg
Het zou iemand van The Czars kunnen zijn, bijvoorbeeld. Binnenkort kun je hun verzameling covers Sorry I Made You Cry gewoon in de schappen van de lokale platenboer vinden. Voorheen was deze alleen via de website van Bella Union te bestellen. Het gaat dus voor de wind met The Czars. Toch? Of is hier sprake van niets is zoals het lijkt? Ik belde met zanger John Grant.


Continue reading

Persil – Comfort Noise

Transformed Dreams / Konkurrent

persil-comfort_noise.jpgWat de wijlen Engels DJ John Peel van dit tweede album Comfort Noise zou vinden zullen we nooit weten. Feit is wel dat David Lingerak en Martine Brinksma alias Persil veel aan hem te danken hebben. Ze mochten maar liefst drie sessies bij hem doen. Het album is dan ook niet voor niets aan hem opgedragen. De Engelsen houden sowieso van Persil, want ze toerden een aantal keren uitgebreid door het Verenigd Koninkrijk. De laatste keer zelfs met The Wedding Present, die overigens ook bedankt wordt. Daarnaast staken ze ook twee keer de grote plas over om in Amerika hun gelijk te halen. Nederland werd uiteraard niet vergeten, maar echt veel indruk hebben ze hier nog niet gemaakt. Daar zou eigenlijk met dit album verandering in moeten komen, want de muziek van Persil is toegankelijker dan ooit. Aanvankelijk was het allemaal lo-fi gericht, maar inmiddels is het langzaam aan het opschuiven naar de elektropop. De lijn van de vorig jaar verschenen EP Tune-up wordt doorgetrokken. Er is duidelijk extra aandacht besteed aan het stemgeluid, voorheen niet de sterkste kant van Persil, dat ik nu zelfs als prettig ervaar. Persil waait met hun geluid langzaam richting Garbage, Pet Shop Boys en zelfs Madonna. Niet de minste, maar ook de indiekant wordt niet vergeten getuige de nog steeds aanwezige ronkende gitaar en de vreemde bliepjes. De liedjes klinken op het eerste oor luchtig, spontaan en veelal dansbaar, maar over de invulling, gezien alle details, is goed nagedacht. Persil lijkt het allemaal in zich te hebben om een breder en dus meer publiek te bereiken.

File: Persil – Comfort Noise
File Under: Perfecte albumtitels
File Audio: [Vijf tracks][of op de luisterpaal tijdelijk helemaal]

Dirty Pretty Things – Waterloo to Anywhere

Vertigo / Universal

dirty_pretty_things-waterloo_to_anywhere.jpgPete Doherty schreeuwt zo wanhopig om aandacht dat ik bijna met hem te doen krijg. Ik twijfel of het allemaal zijn eigen keuze is wat er met hem gebeurt, maar vrees het ergste. Ondertussen heeft hij het zelfs zo bont gemaakt dat platenmaatschappij Rough Trade hem de afgelopen week aan de kant geschoven heeft. Van het muzikale genie waar velen hem voor hielden is zo nog maar weinig meer over en dat is best spijtig. Door al die aandacht voor Doherty zou je bijna vergeten dat er nóg een Libertines-mannetje was dat ook een aardig moppie muziek kon maken: Carl Barât. Waar Doherty in de volle spotlights Babyshambles oprichtte, startte Barât in de schaduw Dirty Pretty Things op. In relatieve rust werkte hij aan hun debuutplaat Waterloo to Anywhere. En dat heeft in ieder geval een album opgeleverd dat een stuk evenwichtiger (en beter) is dan Down in Albion van Babyshambles. Eigenlijk is Dirty Pretty Things gewoon een doorstart van Libertines, zonder Doherty en aangevuld met Temple Cooper Clause-bassist Didz Hammond. Hoewel kort (slechts 36 minuten) is het wel bijna in alle elf songs goed raak. Strakke, op een punkrockbedje van The Clash gekweekte liedjes, die zich met groot gemak tussen je lippen nestelen. Het zal niemand verbazen dat de geest van Doherty veelvuldig rondwaart op Waterloo to Anywhere. Wie “Bang Bang You’re Dead” gehoord heeft zal dat niet meer kunnen ontkennen en weet ook: Pete heeft het voorgoed verbruid bij Carl. Waterloo to Anywhere is dan ook eigenlijk gewoon het logische vervolg op de laatste titelloze Libertines-cd, en misschien zelfs wel beter.

File: Dirty Pretty Things – Waterloo to Anywhere
File Under: Barât is beter af zonder Doherty
File Audio: [Hier]