Monthly Archives: December 2007

Angels & Airwaves – I-Empire

Geffen / Universal

Angels & Airwaves - I-Empire Vroeger was Tom DeLonge cool. Wat heet, hij zat in de meest succesvolle poppunkband allertijden. Begin 2005 krijgt Tom echter ruzie met zijn maatjes Mark Hoppus en Travis Barker en trekt de stekker uit Blink 182. Die laatste twee gaan risicoloos verder in +44, Tom wil iets nieuws proberen. Een lovenswaardig streven. Jammer dat We Don’t Need To Whisper, het debuut van Angels & Airwaves, zo’n draak van een album is. Bij single “The Adventure” dacht ik nog dat Tom een grapje maakte, dat het één grote parodie was. Vooral de pijnlijke manier waarop hij in de camera kijkt doet denken aan de briljante video van “All The Small Things”. Helaas, DeLonge is ditmaal bloedserieus. En pretentieus, want alle muziek van zijn (inmiddels niet meer zo) nieuwe band is onderdeel van één groot verhaal. Een verhaal over liefde in een wereld vol oorlog. Of zoiets. Schijnt ook nog een film bij te horen. Op I-Empire geen drastische koerswijzing. Angels & Airwaves leunt muzikaal nog altijd sterk op Pink Floyd en vooral U2. Toch heeft de band vooruitgang geboekt. I-Empire is een sferische plaat die enkele sterke momenten (“Secret Crowds”, “Sirens” en single “Everything’s Magic”) kent. AVA (de onlogische afkorting van de band en tevens de naam van de dochter van DeLonge) moet oppassen dat het zich niet in de gekozen vorm verliest. Tommetje wil dolgraag serieus genomen worden en schiet daar soms te ver in door. Het tempo ligt te vaak te laag en verveling komt meer dan eens de hoek om kijken. Als de verbeteringen in dit tempo doorzetten maakt Angels & Airwaves over tien jaar een geweldig album. Even geduld nog.

File: Angels & Airwaves – I-Empire
File Under: Wisselvallig, maar beter dan het debuut
File Audio: [AVA-Space]
File Video: [Everything's Magic]

Cool Genius – Maybe You Should Do That Too

Goomah

cool_genius-maybe_you_should_do_that_too.jpgBandjes komen, bandjes gaan. Zo stopte in 2005 het Zwolse Soundsurfer ermee, nadat eerder drummer Bauke Bakker op was gestapt naar die andere Zwolse band 16 Down. Tja, bandleden komen, bandleden gaan. Zo nam 16 Down op hun beurt afscheid van twee van haar leden. Bassist Sebastiaan van Olst en drummer Bauke Bakker (jawel!) begonnen een eigen band samen met zanger / gitarits Erik Neijmeijer van (jawel!) Soundsurfer. Cool Genius was in de zomer van 2005 een feit. Nu zou je verwachten dat de nieuwe band een optelsom van Soundsurfer en 16 Down was, maar Cool Genius heeft muzikaal weinig met eerder genoemde bands te maken. Cool Genius is geen rockband die recht op zijn doel afgaat. Cool Genius houdt het veel breder met een crossover van diverse muziekstijlen als rock, jazz, rockabilly, country, hiphop, lo-fi en funk. Waarom zou je ook in één hokje blijven als je meer kunt? Het resultaat Maybe You Should Do That Too, dat overigens uitkomt op het verse label Goomah, doet denken aan het werk van artiesten als Eels, Beck, Jim White, Dyzack, Robert Palmer en Prince. Artiesten die allemaal zo hun geniale momenten hadden of hebben. Op Maybe You Should Do That Too straalt het er van alle kanten vanaf dat het trio minstens zo geniaal wil zijn. Het barst van de ideeën en de zestien nummers zitten stuk voor stuk goed in elkaar. Er is al een bescheiden 3FM-hit gescoord met “Monkey Boy”, een nummer dat goed aangeeft wat er zoal te vinden is op het album. Het zou me niet verbazen als deze band verder doorgroeit naar een groter publiek. Het is namelijk ondanks de mix aan stijlen toegankelijk. Persoonlijk vind ik dat de productie wat te helder is, alsof instrumenten niet meer kunnen grommen. Een scheut psychedelica had dit album goed gedaan. Maar ja, recensenten komen, recensenten gaan en ook zij hebben allemaal hun goede en slechte momenten.

File: Cool Genius – Maybe You Should Do That Too
File Under: Niet in een hokje te plaatsen
File Audio: [ MySpace]
File Video: [My Friend][Beach][Monkey Boy]

Hamell on Trial – Songs for Parents Who Enjoy Drugs

Righteous Babe / Rough Trade

Hamell on Trial - Songs for Parents Who Enjoy DrugsDe titel van deze cd van Hamell on Trial, Songs For Parents Who Enjoy Drugs, doet al wel vermoeden dat deze cd geen cd is voor tere zieltjes. Dat is dan ook niet waar Ed Hamell, de man die hier terecht gesteld wordt, om bekend staat. Hij schijnt in NewYork en omstreken een aardige naam opgebouwd te hebben met zijn eigengereide mix van singer/songwriter en stand-upcomedian. De eerlijkheid gebied me te zeggen dat ik nog nooit van ’em gehoord had tot ik deze cd in handen kreeg. En ik geloof niet dat ik daar heel erg rauwig om ben. De humor van Ed Hamell en de manier waarop hij praatzingt over de regering Bush of de problemen bij het opvoeden van zijn zoon – die achtergrondzang doet – is namelijk typisch Amerikaans. Bovendien is Hamell ook niet bepaald een geweldige zanger. Hij klinkt als een rauwe kruising van Lou Reed en Bruce Cockburn en dat resulteert in het geval van Hamell niet in even gemakkelijk te verhapstukken brokken. Het grootste probleem met dit soort stand-upfolk is eigenlijk dat het op cd nooit zo heel goed werkt. Hamell lijkt me dan ook typisch zo’n geval van een artiest waarbij je je in de zaal uitstekend vermaakt, maar die op cd maar niet de brille uit de zaal weet vast te leggen. Hoe goed hij zijn best ook doet.

File: Hamell on Trial – Songs for Parents Who Enjoy Drugs
File Under: Vast leuker op het podium, dan op cd.
File Audio: [Inquiring Minds][Heat][Pretty Colors][Coulter's Snatch]

Asobi Seksu – Asobi Seksu

One Little Indian / Bertus

Asobi Seksu - Asobi SeksuNet als Loney, Dear heeft Asobi Seksu dit jaar een internationale inhaalslag gemaakt. One Little Indian verzorgde de wereldwijde uitgave van hun uitstekende tweede plaat Citrus en komt nu (na gebleken succes?) met het titelloze debuut van de band, dat oorspronkelijk uit 2004 stamt. Grote verschillen zijn er niet. Ook hier speelt de groep noisepop, met stevige post-rock-passages. Zelf noemen ze het dream pop universelle en dat sluit leuk aan bij de zuchtmeisjesstem van Yuki. Vergeleken met Citrus is het geluid wat kleinschaliger. Geen grote gebaren in breed uitwaaiende gitaarpartijen, maar juist schattige, bijna warme distortion uit kleine versterkers, luister maar ‘ns naar “Sooner”. De liedjes zijn wat korter, met bijvoorbeeld twee matige hoekige deuntjes met teksten in ‘t Japans. Gitarist James Hanna eist vocaal een prominentere rol op. Hij zingt vaker met Yuki mee en doet in drie nummers de hoofdvocalen. Deze tonen vooral aan dat hij ongetwijfeld is opgegroeid op een dieet van zijn New Yorkse stadsgenoten Sonic Youth. Het best geïntegreerd in het bandgeluid is “End At The Beginning”, met een paar geweldige akkoordwisselingen en een door Yuki verzorgd outro, dat goed is voor een brede glimlach. Het probleem met Citrus was achteraf gezien de herspeelbaarheid. Het massieve brok geluid was aan de lange kant en bovendien kon ik me al snel geen uitschieters meer herinneren. Asobi Seksu is over de gehele linie minder, maar heeft “Stay”: een heerlijk melancholisch duet, met een gitaarsolo zoals ik ze graag hoor. Heel langzaam en dan geleidelijk de volumeknop opendraaien.

File: Asobi Seksu – Asobi Seksu
File Under: Een goed begin is 't halve werk
File Audio: [Seksu-Space]

Kid Rock / The Urge

Atlantic / Warner & India / Rough Trade

Kid Rock - Rock N'Roll JesusAls de pose achterop de cd, met bontkraag en met twee bevallige dames tegen zich aangevlijd, het nog niet duidelijk maakte, dan de titel Rock N’ Roll Jesus en tekstuele pareltjes als ‘I’m gonna fuck you like I’m never gonna see you again’ wel: Kid Rock is bad en de schrik van alle ouders. Maar eigenlijk verraadt ‘ie in het titelnummer zijn ware street credibility: ‘Been alotta bling bling but it ain’t real’. En zo is het maar net, want muzikaal zullen ouders hier meer mee hebben dan hun kinderen. Het hangt namelijk ergens tussen Joe Cocker en John Mellencamp, wat Kid Rock hier brengt. Rock, gospel, country, een vleugje soul en vooral het volume van de gitaren op radiovriendelijk niveau. De songs zijn hier en daar lekker swingend en hebben een kop en staart, maar het zijn niet eens platgetreden paden, er ligt al jaren een vierbaans snelweg. Nou ja, misschien is het daardoor juist wel zijn eerste nummer 1-album in de VS geworden, maar ik kan me niet voorstellen dat hij hiermee in Europa voet aan de grond krijgt. Ik ga toch voor Mellencamp en de vroege Cocker omdat daar meer passie in doorklinkt. Rock N’ Roll Jesus blijft iets teveel op showworstelen lijken: veel poeha, maar tegelijkertijd nogal eh…niets.
The Urge - Lunch At The Lady GardenEerlijk is eerlijk, die passie hoor ik iets meer terug bij het Engelse The Urge. De zoon van John Miles, John Jr., is de gitarist in deze band. Ook pa had ooit een band onder deze naam. The Urge blijft ruim aan de radiovriendelijke kant van de streep, maar heeft iets meer lekkere boogie uit de Engelse stal. Allen zijn zeer ervaren muzikanten en dat hoor je aan de uitvoeringen. Ik heb de indruk dat er niet teveel takes per song zijn gebruikt, want het klinkt redelijk losjes en heeft een goeie livefeel. De belofte van ‘the very best kind of straightforward rock with a hint of AC/DC, Led Zeppelin and The Rolling Stones‘ op de site is echter onzin. Ik geloof best dat ze het een en ander in de kast hebben staan van deze bands, en Brian Johnson schijnt zich ook met de band te bemoeien, maar The Urge maakt veel meer rock in de richting van FM en hier en daar een randje Thunder, mede door zanger Johnny Boyle. Harmonieuze, melodieuze rock met de voeten stevig in de zeventiger en tachtiger jaren. Uit hetzelfde tijdvak komt “Baby Now I”, een lekkere cover van het danig onderschatte Dan Reed Network. De rest van de songs is eigen werk. Hoewel het voor een debuutalbum al redelijk belegen klinkt is er in elk geval meer muzikantenpret in te horen dan bij Kid Rock. Een fijne band als vulling op de festivals, dunkt mij.

File: Kid Rock – Rock N'Roll Jesus
File Under: Meer een misdienaartje
File Audio: [“Amen” en “So Hot” op de site]

File: The Urge – Lunch At The Lady Garden
File Under: Painting by numbers, maar met vaardige hand geschilderd
File Audio: [Flashplayer op de site] [UrgeSpace]
File Video: [Lunch at The Lady Garden]

Findel – Enters The Shadowlands

Royal Chique / Rough Trade

Findel - Enters The ShadowlandsSommige bio’s zijn geen pré. Findel roept van de daken dat Giel Beelen fan van ze is. En als ik wel één dj kan schieten, dan Beelen wel. Wat een omhooggevallen zak is dat zeg. Omgekeerd zou ik er wat voor geven om zijn positie te mogen bekleden, want zo hypocriet ben ik dan ook wel weer. Kan ik half Nederland ‘s ochtends lekker lastigvallen met muziek die IK leuk vind. Zoals The Hoosiers, Beirut, To My Boy, Alice Rose, “Wow” van de nieuwe plaat van Kylie Minogue en al die leuke rare indie die ze bij andere zenders laten liggen. En Findel natuurlijk. Eindelijk weer een band die de vrolijke electropoptraditie van pakweg Das Pop en The Faint voortzet. Zelf noemt Bart van Dalen, het blonde brein achter Findel, zijn debuutplaat graag pixelpunk. Daar is het wel erg poppy voor, maar ik snap het wel. Er zitten allerlei leuke drukke bliepjes en gamedingetjes in (Commander Keen, Monkey Island). Hoewel de plaat als geheel wat rommelig overkomt, zit er voor iedereen wat geinigs bij. Enters The Shadowlands is een zak van Sinterklaas waarop je kunt feesten (“German Movie”, Norah Jones-cover “Sunrise”), lachen (het grappige “2 Cute 4 U”, de stemmetjes in het punky “Expedition”) en jammen (het veel te lange “Present for Alice”; dat heeft Popsicle wel eens beter gedaan). Als ik een minpuntje zou moeten noemen aan Enters The Shadowlands (ook de titel verwijst naar Keen): de gitaren klinken wat flets. Past anderzijds wel weer bij Findels retrosound. Erg leuke pixelplaat van Nederlandse bodem. Benieuwd hoe het live gaat klinken, want alle livevideo’s die je nu op YouTube vindt zijn van Barts eerste, net opgedoekte liveband. Komend jaar toert Bart een level hoger met een geheel nieuwe bezetting. Had Giel Beelen toch één keer gelijk: Findel saves the day once again!

File: Findel – Enters The Shadowlands
File Under: Keileuke bliepjespop!
File Audio: [Op de site of op [ MySpace]
File Video: [Vorig jaar klonk Findel in zijn eerste bezetting bijv. nog zo]

VA – Van The Black Rocking Cats tot Spinvis

Villa Utapio

Van The Black Rocking Cats tot SpinvisWe hadden ons zo voorgenomen om dit jaar van de kerstdagen echt een familiegebeuren te maken, zonder ons te laten storen door derden. Gewoon met zijn vieren, gezellig spelletjes doen, een filmpje kijken, een stukje wandelen en zo. Helaas viel het allemaal in het water. Mevrouw Storm lag ziek in bed, de Jongedame een groot deel van de dag in de kamer ernaast, uitgeput van de eerste maanden school. Dus vermaakten Junior en Senior elkaar maar. Maar na een paar uur spelletjes spelen, waarbij we beiden ongeveer evenveel wonnen, wilden we wel wat anders doen. Junior wilde een boekje lezen en dat vond ik wel een goed plan. Het was immers mijn voornemen meer te lezen. Terwijl hij hardop las uit zijn boek – tering wat gaat dat snel! – las ik de laatste hoofdstukken uit Van The Black Rocking Cats tot Spinvis, een halve eeuw popmuziek in & uit Utrecht. Ik heb zelf de tentoonstelling Pop Utrecht 50 die in het Centraal Museum in juni 2004 te zien was gemist, maar dit boek vertelt voor een deel het verhaal achter de vele unieke voorwerpen die daar tentoongesteld werden. Het zijn niet allemaal diepgravende verhalen, soms zelfs een tikkie summier. Toch ze zijn zeker wel leuk om te lezen. Helemaal omdat de schrijvers geen grenzen hebben gesteld aan te behandelen genre. Daardoor komen naast rock ook het levenslied, dance en hiphop aan bod. Net als de festivals die de stad kent en de ontwikkeling (en ondergang) van zalen als de Vrije Vloer, Ekko en Tivoli. Nog leuker is dat je tijdens het lezen van het boek kunt luisteren naar de twee cd’s die meegeleverd worden en passen bij de hoofdstukken. Een enorme hutspot aan stijlen staat erop met als enige ordening hun jaartal. Daarom volgt nu na Orphanage’s versie van “Opzij” bijvoorbeeld gelijk de Blue Grass Boogiemen. Da’s een flink contrast, maar ik vind dat wel grappig eigenlijk. Tussen de tracks ook enkele vrij unieke nummers. De Amerikaanse versie van Urban Dance Squad‘s “Deeper Shade of Soul” bijvoorbeeld en een oude track van het toen nog Utrechtse Racoon (“Rapid Eye Movement”). Tegen een uur of vijf kwam er van boven weer een teken van leven. De Jongedame meldde dat ze nu wel zin had in poffertjes. Dat kwam mooi uit, het boek had ik al ondertussen uit. Het had van mij wel wat dikker gemogen, eigenlijk.

File: Van The Black Rocking Cats tot Spinvis
File Under: Geen uitputtend naslagwerk, maar wel leuk om te lezen en te beluisteren.

VA – Songs From The Bigtop

Devon Reed / Konkurrent

va-songs_from_the_bigtop.jpgHet circus is een absoluut achterhaald fenomeen. Toch? Wie gaat er nou in een tochtige tent kijken naar een handvol B-artiesten? Althans, dat is míjn mening. Devon Reed denkt daar duidelijk anders over en maakte zelfs een film over de romantiek van het circus, The Bigtop. Op die film moeten we nog even wachten, de soundtrack is er al. Regisseur Reed schreef allereerst alle teksten en vervolgens benaderde hij artiesten waarvan hij dacht dat deze zijn teksten het beste zouden kunnen vertolken. En het zijn niet de minsten die gevraagd zijn voor de soundtrack. Zo begint het album met een mooi ingetogen nummer van Lisa Germano en zijn er uitstekende bijdragen van The Clientele en van Doug Martsch van Built to Spill. Matthew Sweet‘s bijdrage maakt alleen al de aanschaf van Songs from The Bigtop meer dan waard. In “Wild” klinkt hij zoals we het sinds “Girlfriend” eigenlijk niet meer gehoord hebben. Opvallend is dat Damien Jurado en de Sprites zich muzikaal toch wat aangepast hebben voor deze verzamelaar. Ze klinken de Sprites iets minder springerig dan wat we van ze gewend zijn en klinkt Damien Jurado zelfs wat vlak. Gelukkig is er op Songs From The Bigtop niets te merken van de muzikale clichés die vaak met een thema als het circus samengaan. Alleen in Howe Gelb’s “Faling in Love” zou je een circusorgel en trompetterende olifanten kunnen horen. Mij zul je nooit meer in het circus aantreffen, maar voor The Bigtop koop ik toch graag een kaartje.

File: VA – Songs from The Bigtop
File Under: Zo wordt zelfs het circus hip
File Audio: [Band X-Space]

Saturday Looks Good To Me – Fill Up The Room

K Records / Konkurrent

saturday_looks_good_to_me-fill_up_the_room.jpgIs het alweer drie jaar geleden dat Fred Thomas een plaat afleverde onder de naam Saturday Looks Good To Me (de restjesplaat uit 2006 tel ik dan niet mee)? Er is er niet veel veranderd: de popbrille heeft Fred Thomas niet verlaten en ook hier is het weer een grote groep van steeds wisselende muzikanten die hem bijstaan om zijn liedjes op te nemen. En die liedjes, daar gaat het om: briljantjes met powerpop-refreinen als “(Even If You Die On The) Ocean”, pastorale stekeligheden zoals we die ook bij Belle & Sebastian aantreffen (“Make A Plan”) en droevige liedjes die pas bij een aantal luisterbeurten blijven hangen (“Peg”), stomweg omdat ze zo kort zijn. Op de korte baan ligt wel Fred Thomas’ kracht. De twee minste tracks duren ook het langst: ruim vijf minuten, terwijl de meeste liedjes in drie minuten zeggen wat ze zeggen moeten en niet nodeloos opgerekt worden. Zoals het met stukjes als deze zou moeten. Belle & Sebastian en Camera Obscura in je platenkast? Dan ook SLGTM checken!

File: Saturday Looks Good To Me – Fill Up The Room
File Under: Popbrille met een uitroepteken
Audio: [Tracks van eerdere platen]