Monthly Archives: June 2013

Seasick Steve – Hubcap Music

Polydor

Seasick Steve - Hubcap Music‘Deze gitaar is gemaakt van twee wieldoppen (hubcaps), een stok uit de tuin, een bierblikje en wat kerstdecoraties’, zo vertelde Seasick Steve op het Glastonbury Festival. Ook zijn drummer heeft geen behoefte aan state-of-the-art materiaal, want een van zijn bekkens had alleen maar deuken en had een compleet gerafelde rand. De titel Hubcap Music mag je dus behoorlijk letterlijk nemen. Met You Can’t Teach An Old Dog New Tricks brak Seasick Steve door in Nederland. Eerlijk gezegd vond ik dat onbegrijpelijk. Niet dat hij die doorbraak niet verdiende, maar ik vond en vind het zijn zwakste album tot op heden. Hubcap Music was zodoende zijn eerste album waar ik met enige reserve aan begon. Muzikaal is het nog steeds niet gewijzigd: de composities zijn een soort DIY-ZZ Top, waarbij de jaren als straatmuzikant Seasick Steve wel hebben geleerd hoe hij pakkende songs moet schrijven, met simpele, effectieve hooks en refreintjes die je automatisch meezingt. En alle romantiek van de vagebond die per ongeluk doorbrak ten spijt, is hij een buitengewoon effectieve bluesgitarist. De meeste muzikale bijdragen komen van zijn maatje John Paul Jones. Die van Led Zeppelin, ja. Naast de baspartijen draagt Jones ook bijvoorbeeld banjo en mandoline aan. Daarnaast zijn er bijdragen van onder andere Jack White op “The Way I Do” en North Mississippi Allstars’ Luther Dickinson op “Home”. Tussen de openingsklanken van een oprijdende tractor tot de afsluiter waarin je ‘m weer hoort wegrijden, krijg je elf songs die goed in tempo afwisselen, maar die allemaal ontspannen meeschommelende ledematen veroorzaken. En dat is precies waar Seasick Steve goed in is: blues ten gehore brengen waar je vrolijk van wordt. Met heel slim precies in het midden een countrybluesduet met Elizabeth Cook, “Purple Shadows”. Want Seasick Steve komt op het podium wel buitengewoon sympathiek en eenvoudig over, maar hij weet precies waar hij mee bezig is. Gelukkig maar. Hubcap Music is er een prima plaat mee geworden.

File: Seasick Steve – Hubcap Music
File Under: Vrolijkmakende DIY-blues
File Video: [SeasickTube]

Kristoffer Gildenlöw – Rust

Glasville Records

Kristoffer Gildenlöw - RustMet releases van Glassville Records weet je eigenlijk bij voorbaat dat je iets goed in handen hebt. Paatos is de bekendste naam op dat label, maar ook Sun Domingo, A Liquid Landscape en Mandrake Project zorgden voor fraaie releases. Met Rust van Kristoffer Gildenlöw – aanvankelijk alleen op vinyl verschenen, met twee tracks minder – is het niet anders. Vooral bekend als de-broer-van heeft Gildenlöw sinds zijn vertrek uit Pain Of Salvation genoeg gedaan om ook zonder die connectie interessant te zijn. Bij Lana Lane, de Damian Wilson Band en The Shadow Theory bijvoorbeeld. Het grappige is dat de broertjes Gildenlöw via verschillende wegen op vergelijkbare muziek uitgekomen zijn. Bij de opbouw en zang bij “OverWinter” denk je bijna Daniel te horen. Een labeltje is lastig te kiezen voor Rust. Is het prog, is het rock, misschien zelfs pop? Kristoffer is nog een stapje verder gegaan dan zijn broer deed met Pain Of Salvation in het buiten de genrelijntjes kleuren. Het lijkt soms zelfs de bedoeling geweest om zo weinig mogelijk instrumenten in te zetten zonder het liedje aan te tasten. Drums ontbreken daardoor vaak geheel. Het resultaat is echter verbluffend, nu het album sterk leunt op de zang. Vaak is het Gildenlöw alleen, maar er zijn ook gastvocalisten zoals Erna auf der Haar (Consortium Project) en Wudstik (Ayreon). Een van de hoogtepunten is “Längtan” dat uit verschillende lagen zang is opgebouwd. Dat gebeurt ook op “Save My Soul”, waar zelfs een – smaakvol! – kinderkoor(tje) voorbijkomt. In het titelnummer vertellen allerlei mensen wat ze anders en beter hadden willen doen in hun leven. Halverwege het nummer gaat voor een van de weinige keren op dit album het volume wat omhoog voor gitaarsolo’s. Dat alles is fantastisch geproduceerd, met een warm geluid dat alle elementen de ruimte geeft. De muzikanten die hebben meegewerkt, onder andere Ruud Jolie (Within Temptation), Frederik Hermansson (Pain Of Salvation) en Ola Heden (Flower Kings), zijn meegegaan in de less is more-benadering van Gildenlöw en laten horen dat minder geluid zo meer indruk kan maken. Sodeknetters, wat een plaat! Jaarlijstjesmateriaal!

File: Kristoffer Gildenlöw – Rust
File Under: Less is so much more
File Video: [GildenlöwTube]

Ventura – Ultima Necat

African Tape/Vitesse/Five Roses/Secret Rendezvous

Ventura - Ultima NecatKijk. Laat ik eerlijk zijn. Intern ben ik het afvoerputje van FileUnder. Dat komt al vanaf vroeger, toen Storm gewoon alles waar hij niets mee kon naar mij stuurde en daar is niet zoveel in veranderd. Er zijn een hoop genres waar ik wat van gehoord heb en dus denk dat ik daar een mening over kan vormen. Maar soms stuurt hij ook cd’s op die niet even gemakkelijk zijn, maar die mij meteen bij de ballen grijpen. Zo vond ik in mijn brievenbus Ventura’s Ultima Necat. En als mijn brievenbus een cd-speler geweest was, dan had ik daar nog gestaan. Met open mond. Om iedere keer weer op play te drukken. Want als u een klein beetje van gitaarmuziek houdt, dan dient u onverwijld Ventura’s Ultima Necat aan te schaffen. Want, en nu ga ik met grote namen gooien, er staat geen band dichter bij God Machine als het Zwitsere Ventura. De zanger knijpt net zo als Vic Chesnutt en associaties met het latere werk waar A Silver Mt. Zion het gaspedaal vol intrapte zijn niet ver weg. Tool, vergeet Tool niet, Jesus Lizard, voor wie ze al een voorprogramma deden en als ze echt gaan hakken dan weet je ze ook wel eens naar The Ex geluisterd hebben. Vooralsnog is dit de kabaalplaat die u moet hebben als u van gitaarmuziek houdt . En is Amputee tot nu het allerbeste nummer dat verschenen is in 2013. Een dikke elf minuten lang hangen tegen een gitaarmuur, met referenties naar bovenstaande helden. U bent gek als u het niet doet.

File: Ventura – Ultima Necat
File Under: Goddelijk jaarlijstjesvoer

Trixie Whitley – Fourth Corner

101

Trixie Whitley - Fourth CornerTrixie Whitley bracht eerder al de EP The Engine uit, waarna haar aspiraties als solo artiest even op een zijspoor zette om met Black Dub (de band van topproducer Daniel Lanois ) een gelijknamig album uit te brengen en te toeren. Maar nu is daar dus Fourth Corner. Haar eerst volwaardige album opgenomen met toetsenist en rechterhand Thomas Bartlett (o.a. bekend als producer van Glen Hansard, Antony and the Johnsons, Grizzly Bear and the National). En wat Trixie met deze plaat doet is even eigenzinnig als eigentijds. Haar muziek is geworteld in vintage soul, R&B, blues, and rock maar klinkt nergens gedateerd en haar soulvolle vocalen worden vaak slechts ondersteund door een onorthodoxe instrumentatie zoals in het nummer “I Need Your Love” dat volledig gebaseerd is op het ritme van een analoge drumcomputer en een gitaarriff. Voor debutante Whitley is dit album een ‘zoektocht’ en dat leidt niet alleen tot een verrassende instrumentaties, maar zoals titelsong Fourth Corner (een verwijzing naar het Four Corners monument op de grens van Arizona, Colorado, New Mexico en Utah) illustreert, ook tot een ‘spirituele’ thuiskomst waarin ze haar afkomst en haar nomadische bestaan als dochter van een Amerikaanse vader (bluesman Chris Whitley) en een Belgische moeder, omhelst. De vaak onorthodoxe instrumentatie en ‘spirituele’ teksten maken van Fourth Corner een avontuurlijk album. Maar misschien nog wel belangrijker; ga Trixie live zien want als ze en ding bewijst met Fourth Corner is het dat het een verzameling songs is die vraagt om live uitgevoerd te worden. En hoe mooi dat kan zijn liet ze al eens zien in o.a. Mezz en Paradiso eerder dit jaar.

File: Trixie Whitley – Fourth Corner
File Under: Hoekige cosmopolitische blues (in frêle verpakking)