Monthly Archives: July 2014

House Of Cosy Cushions – Spell

Eigen beheer

House Of Cosy Cushions - SpellWe ervaren het kloppen van ons hart als iets normaals, tot er haperingen ontstaan. En zo gaat het met het stromen van het bloed, de werking van de nieren, enz. Stel dat de geluiden die onze organen maken versterkt en tot een ritmisch muziekstuk gekneed worden. Hieraan worden dan nog wat buitenmenselijke instrumenten toegevoegd als de trombone en viool. En her en der nog wat zang, Zo ongeveer klinkt House Of Cosy Cushions. De menselijke geluiden komen echter uit keyboards en gitaren die vervolgens geloopt worden. Het maakt Spell tot een introverte, kwetsbare, bezwerende en vreemde plaat. Achter House Of Cosy Cushions zit de in Groningen (en Dublin) woonachtige Richard Bolhuis die het meeste van het instrumentarium bespeelde en ook zorgde voor de composities. Op twee nummers na, waar Saskia Meijs als co-writer fungeert. Zij heeft op haar beurt dan nog muzikale inbreng met haar viool. Spell is een heel bijzonder geheel geworden dat het geluid van Pink Floyd rond Wish You Were Here oppakt en in een nieuwe jas, zonder maar enigszins muf te ruiken, aan de generatie van nu presenteert.

File: House Of Cosy Cushions – Spell
File Under: Bezwerend
File Audio: [Bandcamp]
File Social: [Facebook]

The Projection Company – Give Me Some Lovin / Scott Carpenborg & The Electric Corona – Fantastic Party

Gear Fab Records / Clear Spot

Fantastic Party.jpgReissuelabel Gear Fab Records heeft er weer twee opgeduikeld: exploito-platen, ooit in de jaren zestig in de markt gezet om snel geld te verdienen aan jongeren op zoek naar alles wat op dat moment hip en happening was. Er werden muzikanten ingehuurd, er werd een studio geregeld en een vormgever, en even later lag er een album klaar. De betrokkenen deden maar wat en dus werken zowel de namen van de (verzonnen) bands, de plaattitels en uiteraard de muzikale prestaties stevig op de lachspieren. Give Me Some Lovin’ heet het product van The Projection Company en uiteraard slaat dat op openingsnummer “Gimme Some Lovin'”, een beroerde cover van de hit van The Spencer Davis Group. Omdat Jimi Hendrix enorm populair was heet één van de tracks “Our Man Hendrix”. Bob Dylan wordt geciteerd door “Don’t Think Twice” als titel te gebruiken en verder had men geen idee wat men aan het doen was. Hetzelfde gold voor Fantastic Party. De lachspieren worden stevig aangesproken door titels als “All Men Shall Be Brothers of Ludwig”, “Swing Low, If You Like To Do” en de ondertitel voor dit Duitse product: Die Tanzplatte für Heisse Stunden.

File: The Projection Company – Give Me Some Lovin’
File: Scott Carpenborg & The Electric Corona – Fantastic Party
File Under: Exploito
File Video: [The Projection Company – Give Me Some Lovin’]

Ed Cox – Without the Hyena the Lion Cannot Be King of the Jungle

Life4Land

ed_cox-without_the_hyena.jpgEen paar maanden terug deed de 8bit-breakcoreproducer Scotch Egg een boiler room-set en die was natuurlijk supercool. Je ziet het publiek er compleet apeshit op losgaan, ook al is de muziek nou niet direct dansbaar te noemen. Boiler Room zou daarvoor beter een keer Ed Cox kunnen vragen, die zijn accordeon combineert met jungle, tekno en drum’n’bass. Sinds zijn debuut Clowncore uit 2009 is hij in de Britse rave-underground blijven hangen en produceert-ie met Stivs ook samen tracks onder de naam DSC. Het had anders kunnen lopen, want de belangstelling voor electroswing (Parov Stelar, Caravan Palace, Jamie Berry) is ook enorm opgekomen. Het beste aan Clowncore was de vrolijke sfeer – niets maakt heftige breakcore zo toegankelijk als hoorbaar plezier, alles mag als je een clown bent. Op de langverwachte opvolger Without the Hyena zet Cox zijn nog altijd unieke concept ontspannen voort. “Shark Eyes”, “Swagger Cats” en “Happy Lepricorn” passen feilloos bij zijn eerdere werk. Soms worden de refreintjes zelfs wat cheesy; de vorige keer compenseerden ballads als “Scary Friends Revisited” dat. Weliswaar staan er wat in mineur geschreven walsjes tussen (“Russian Wodka”, dat je naast dit nummer van Clowncore zou kunnen leggen), maar Cox probeert slechts één nieuw ding uit: in “Demons” zingt zangeres Coral Shankland mee. Op zich is dat een goed idee, maar Cox had dan beter met iets meezingbaarders kunnen komen. Het refreintje uit “Demons” associeer ik onbewust met de Party Animals terwijl de tekst best zwaar is (‘finding your demons’). Maar een kniesoor die daarop let, want de hele plaat lang is het feest, en live is Cox pas echt in vorm.

File: Ed Cox – Without the Hyena the Lion Cannot Be King of the Jungle
File Under: Clowncore, part 2
File Video: [Bad Day For A Funk Soldier]

Hans Chew – Life & Love

At The Helm

Hans Chew - Life & Love‘Het is een van de beste americana-albums die ik sinds tijden gehoord heb’, zo besloot ik vorig jaar mijn recensie over Tennessee & Other Stories, het eerste solo-album van de Amerikaan Hans Chew. Zo’n debuutalbum schept verwachtingen en die had ik dus ook toen ik begon aan Chews tweede plaat, Life & Love. Ik had verwacht, en ook stiekem wel gehoopt, dat Hans Chew verder zou gaan op de ingeslagen weg. Al snel werd duidelijk dat Chew op zijn tweede album een andere afslag heeft genomen op de ‘americana-road’. De nadruk ligt niet meer op de countryrock maar op de (blues)rock zelf. Rock zoals Dr. John en bands als Lynyrd Skynyrd die in de jaren zeventig maakten. De nummers klinken alsof ze ontstaan zijn uit één lange jamsessie. Dat betekent veel gitaarsolo’s maar ook een prominente rol voor Chews piano. Gelukkig maar, zijn swingende boogiewoogiespel geeft tenminste nog enige sjeu aan de eindeloos durende jam, want dat is Life & Love eigenlijk. Daar moet je van houden. Ik moet eerlijk zeggen dat het mij na drie nummers al mateloos verveelt. Tracks als “Love” en “Goodnight” springen er voor mij uit door een duidelijke opbouw en melodie, maar de rest kan me eigenlijk totaal niet boeien. Life & Love is geen slechte plaat, liefhebbers die smullen van lang uitgesponnen jams met veel solo’s zullen het niet met me eens zijn en komen ruimschoots aan hun trekken. Ik hoor zelf toch liever een goed, melodieus liedje met kop en staart.

File: Hans Chew – Life & Love
File Under: Oeverloos
File Video: [Junker’s Blues]
File Facebook: [Hans Chew op Facebook]
File Twitter: [Tweets van Hans Chew]

Week 30, 2014

Stonehead
Ed Cox – Without The Hyena The Lion Cannot Be The King Of The Jungle
Prikkie
Phish – Fuego
DubbelMono
Orchestre Tout Puissant Marcel Duchamp – ROTOROTOR
Ludo
Napolian – Incursio
André
Kate Boy @ The Lexington, Londen
tBeest
Causa Sui – Live at Freak Valley
Janineka
Hans Chew – Life & Love

Billy Joel – A Matter Of Trust: The Bridge To Russia

Sony

Billy Joel - A Matter Of Trust: The Bridge To RussiaIn 1987 was Billy Joel de eerste Amerikaanse artiest die een concert gaf in de Sovjet-Unie. Daarvoor waren alleen Pink Floyd en Status Quo er geweest. Het was de tijd van de glasnost en perestrojka van Gorbatsjov. Als Кончерт (Live In Leningrad) werd daarvan in 1987 ook een live-cd uitgebracht. Dit jaar verscheen een dvd met concertbeelden en een nieuwe documentaire onder de titel A Matter Of Trust: The Bridge To Russia. Onder dezelfde titel als de dvd werd ook de cd opnieuw uitgebracht. Maar wel met maar liefst 27 tracks in plaats van de oorspronkelijke 16. Blijkbaar was destijds het oudere werk minder populair, want nu zitten er ineens versies bij van onder andere “The Ballad Of Billy The Kid”, “Scenes From An Italian Restaurant” en “It’s Still Rock And Roll To Me”, een soundcheckversie van “New York State Of Mind” en een radio-opname van “Piano Man”. En ja, dat maakt het erg de moeite waard om deze rerelease aan te schaffen. Ik vond Кончерт altijd iets achterblijven ten opzichte van de live-albums Songs In The Attic en 12 Gardens Live. Dat kwam wat mij betreft vooral door het ontbreken van een aantal oudere tracks en dat is nu dus verholpen. Daarnaast klinkt het allemaal wat voller dan op de oorspronkelijke release en dat is ook niet vervelend. Bij de extra tracks zijn meestal wel kleine oneffenheden te horen, maar dat mag best bij een live-album. De vertalingen van de tolk op het podium (!) geven het nog wat couleur locale. Bovendien zou de jaren na dit album Joel’s vaste band uiteenvallen, zodat dit album ook een laatste document van die band is. Bij rereleases wordt nogal eens inferieur materiaal toegevoegd om de verkoop te stimuleren. In dit geval is daarvan geen sprake, A Matter Of Trust: A Bridge To Russia is in alle opzichten een verbetering.

File: Billy Joel – A Matter Of Trust: The Bridge To Russia
File Under: Nu met 69% extra inhoud
File Video: [JoelTube]

Zomboy – The Outbreak

Never Say Die

zomboy-the_outbreak.jpgZomboy – alias de Britse producer Joshua Jenkin (24) – is dus zo’n artiest in de categorie Skrillex en Knife Party die ik al jaren volg, die gigantisch groot is op Soundcloud en van wie ik best een cd zou willen kopen, maar die zijn tracks alleen digitaal uitbrengt. Al sinds half 2011 komen zijn tracks als “Dirty Disco” en “Organ Donor” langs op het studentenfeest waar ik als dj meedraai, en in oktober 2013 had-ie met “Raptor” en “Braindead” ook nog een paar floorfillers te pakken. Maar al die nummers staan niet op dit debuutalbum The Outbreak. Alleen “Nuclear” is een oudje. Muzikaal gezien gebeurt er op The Outbreak verder niet zoveel nieuws: het oude werk is beter. Zomboys tracks klinken op zich net zo lekker agressief als altijd. Misschien moet ik schrijven: je houdt ervan of je haat het toch al. Maar de weinige teksten zijn dit keer wel nogal suf. Veel ‘hands in the air’ enzo. De track ‘WTF?’ is er ook zo eentje, en die titel dekt niet eens de lading van het richting trance riekende nummer. Zomboy moet een beetje uitkijken dat-ie zijn coolheid niet kwijtraakt. Maar voordat ik hier aan Afrojack-achtige rants begin: Zomboys nieuwe nummers zijn weliswaar vrij onsubtiel en generiek, maar in samenwerking met Must Die! – nog zo’n artiest die erg cool is trouwens – eindigen ze toch weer episch aan de goede kant van de streep. Noisia’s pas verschenen, uitstekende Purpose EP wil ik hier ook noemen als voorbeeld hoe het goed kan; her en der wat vernieuwende geluiden en ook constant hoge kwaliteit. Je hebt een paar van dit soort trekkers nodig waar mensen volledig op los kunnen gaan. In de Volkskrant klaagde Martyn vorig weekend namelijk hoe hij twee uur zijn stinkende best deed om ‘iets op te bouwen’ tijdens zijn set, ‘en dan komt daarna een gast die meteen met de eerste plaat, whaaaam, de zaal laat juichen met climax na climax’. Ik kan me voorstellen dat je als muzikant (of luisteraar) teleurgesteld raakt als EDM de enige soort muziek zou zijn die nog scoort (wat in Amerika overigens nu al niet meer zo is), maar feit is wel dat juist die lange, anonieme opbouw van veel clubsets ook niet het enige kan zijn waar mensen voor komen. Zomboy knalt op zijn Skrillexst allerlei stijlen in een kettingbotsing op elkaar en ik dans graag op een bij mekaar geplunderd nummer als “Airborne”. Ik beloof dat ik de volgende keer over herkenbaarheid en originaliteit zal gaan zeuren.

File: Zomboy – The Outbreak
File Under: Skrillex
File Audio: [Airborne]

Phish – Fuego

JEMP

Phish - FuegoMeestal wordt de term jamband als genre-aanduiding gebruikt. Eigenlijk is dat heel raar, want het zegt alleen iets over het feit dat deze bands bij liveoptredens graag en vaak zijpaden betreden van wat op hun albums te horen is. Ik las laatst ergens de term ‘hybrid bands’ en dat vind ik eigenlijk een prachtig alternatief. Bands als Phish, Umphrey’s McGee en Gov’t Mule maken immers vaak gebruik van diverse (vooral Amerikaanse) genres en smeden die tot een amalgaam dat herkenbaar het hunne wordt. Het resultaat kan dan weer overwegend folk, blues, prog, rock of pop zijn – meestal is het echter een combinatie daarvan. Phish zit meestal ergens tussen pop, rock en jazz in. Geen wonder dus dat het regelmatig iets van Steely Dan of Little Feat wegheeft. Anders dan bijvoorbeeld een band als Umphrey’s McGee heeft Phish nogal eens moeite de studio-albums even interessant te houden als de live-optredens. Een enkele keer, zoals in “Winter Queen”, is het ook op dit album Fuego ook wel érg gezapig. Toch is topproducer Bob Ezrin (Deep Purple, Alice Cooper) erin geslaagd het ontspannen te laten klinken zonder dat het wegzakt in een soort lethargie. Er worden fijne songs opgebouwd met relatief weinig middelen, hoewel de individuele instrumentale partijen vaak heel inventief zijn. De koortjes hangen tegen de Westcoast aan en zijn een integraal deel van de sound. Tegelijk klinkt het verbijsterend vertrouwd voor muziek die je voor de eerste keer hoort. Als je daaruit concludeert dat Phish niets nieuws doet, heb je daar natuurlijk volstrekt gelijk in. Tracks als “Devotion To A Dream” of “Waiting All Night” zijn desondanks verslavend lekker. Alleen het kolderieke “Wombat” wijkt van het stramien af. Het is een lekker springerig nummer met een funky ritmesectie en bijna Peppers-achtige semi-raps. Wild rocken doet het nergens, maar stiekem is Fuego een verrekte fijn album geworden.

File: Phish – Fuego
File Under: Verbijsterend vertrouwd
File Video: [“Waiting All Night”] [“Fuego” bij de Tonight Show] [PhishTube]

Larry Gus – Years Not Living

DFA

larry_gus-years_not_living.jpgLiefde voor Larry Gus! Onlangs was deze eclectische Griekse DFA-signee nog een hoogtepunt op Best Kept Secret. (Recent op het Valkhoffestival viel het dan weer een beetje tegen, maar dat lag meer aan slecht geluid en leuterpubliek.) Als je zijn BKS-sessie buiten op een auto bekijkt snap je direct waarom zijn optredens zo cool zijn. De Subbacultcha omschreef hem al als “net Panda Bear, maar dan met tien koppen koffie op en mieren in zijn broek”. Het is heel aandoenlijk hoe schijnbaar amateuristisch hij in zijn eentje met allerlei sample-apparaatjes in de weer is en daar overheen mompelzingt. Als je daarentegen de korte, The Avalanches-achtige clip bij “Contours Sway” ziet (van zijn eerste plaat Silent Congas uit 2012) blijkt dat hij ook behoorlijk pakkend en kernachtig kan samplen. Maar ook The Avalanches (wanneer komt die tweede plaat nu eens?) konden nogal uit de bocht vliegen, en die aanpak heeft hij gevolgd op zijn huidige album Years Not Living. Als ik Dummy Mag moet geloven, zat hij – geïnspireerd door Georges Perecs beroemdste roman Life: A User’s Manual al sinds april 2010 te werken aan een magnum opus waarin honderden samples gelaagd over elkaar zouden klinken. Hij heeft er zelfs allerlei speciale algoritmen voor gebruikt, zegt Larry, en de cover concept art laat daar een glimp van zien. Maar ja, net als bij een schrijver als Thomas Pynchon moet je al die referenties er dan wel maar net in kunnen terughoren. Ik bedoel, alleen de naam Larry Gus al is een woordspeling op λάρυγγας, het Griekse woord voor strottehoofd. Ik vind Years Not Living een gave plaat, maar niet een meesterwerk zoals The Avalanches dat wel maakten. Daarvoor mis ik het referentiekader, en met mij waarschijnlijk velen.

File: Larry Gus – Years Not Living
File Under: Heel knap, maar live toch het leukst
File Audio: [Years Not Living (hele album) op YouTube]
File Video: [The Night Patrols]

The Delines – Colfax

Decor/Bertus

The Delines - ColfaxWie zegt dat het leven een vrolijk gebeuren is? Songschrijver Willy Vlautin – bekend van Richmond Fontaine en met ook al vier boeken op zijn naam – in elk geval niet. Hij schreef tien liedjes met in het achterhoofd Amy Boone (The Damnations TX). Hij formeerde aansluitend de band The Delines met naast Boone verder leden van The Decemberists (Jenny Conlee op keyboards) en Minus 5 (Tucker Jackson op pedal steel). De zangeres heeft een prachtige stem met een snik die de laidback alt.county-liedjes een extra gevoelige laag geeft. En alsof dit nog niet genoeg is breken Conlee en Jackson het laatste beetje weerstand in mij. En dan heb ik het nog niet over de teksten van Vlautin, zoals in het allermooiste liedje van deze plaat “Colfax Avenue”, over een leven dat geruïneerd is door een verblijf in het leger waar de hoofdpersoon teveel gezien heeft. Naast Vaultins songs is er één cover, “Sandman’s Coming”, van de hand van Randy Newman. The Delines klinken op het eerste gehoor misschien wat saai, maar ik ben na het eerst even aan de kant gelegd te hebben helemaal om. Ze mogen van mij in het rijtje Mary Gauthier, Bonnie Raitt en J.J. Cale. Verplichte kost voor alle alt.country-liefhebbers.

File: The Delines – Colfax
File Under: Bloedstollend
File Audio: [Bandcamp]
File Social: [Facebook]