Category Archives: Storm

Jaarlijst 2015: Storm

Chantal Acda - The Sparkle In Our Flaws1. Chantal Acda – The Sparkle In Our Flaws
2. Steven Wilson – Hand. Cannot. Erase
3. Sufjan Stevens – Carrie & Lowell
4. Chelsea Wolfe – Abyss
5. Raketkanon – RKTKN #2
6. Mew – +-
7. And So I Watch You From Afar – Heirs
8. John Coffey – The Great News
9. Deafheaven – New Bermuda
10. Nils Frahm – Solo

Organisms – Dag Nacht

Grond

Organisms - Dag NachtEr zijn wel meer artiesten die op een bepaald moment switchen van Engels naar Nederlands. Maar het gros dat ik daarvan ken zit toch wat meer in de singer/songwriterhoek en niet in de hoek waar Organisms zit: vurige stevige indierock. Sowieso zijn Nederlandstalige bands schaars op dit gebied. In het verleden was er natuurlijk een band als de Div, maar daarna was er weinig noemenswaardigs. Daar brengt Organisms met Dag Nacht in een keer verandering in. De band met gitarist en zanger Lennard Kruithof (voorheen Spider Rico) klinkt in hun moerstaal misschien nog wel overtuigender dan op hun Engelstalige album Rainbow Black + White dat we hier eerder bespraken. Sterker nog, ik denk dat ze er over de grens best nog mee zouden kunnen scoren als de wind de goede kant op staat. Muzikaal is er namelijk helemaal niets aan te merken op Dag Nacht. De tracks zijn net wat scherper en vinniger en dat komt zeker ook doordat de toetsenist is ingeruild voor een extra gitarist in de persoon van Joeri Voogt. Dag Nacht doet me bij vlagen denken aan het oude werk van het helaas te vaak over het hoofd geziene Fireside (ken je ze niet, check hun album Do Not Tailgate). Daar draagt de stem en zijn intense verteltoon van Kruithof voor een groot deel ook aan bij. Zijn teksten staan bol van dagelijkse hinderlijkheden en frustraties die we allemaal wel kennen. Maar wel op een zodanige manier gebracht dat het niet uit zijn voegen knapt van de pathetische clichés. Het maakt Dag Nacht een van de interessantere Nederlandse rockplaten van de afgelopen tijd.

File: Organisms – Dag Nacht
File Under: Zo willen we wel meer Nederlandse taal horen!
File Video: [Op hun site]

Chantal Acda – The Sparkle In Our Flaws

Glitterhouse

Chantal Acda - The Sparkle In Our FlawsHuilen bij het horen van muziek, het blijft voor mij een rare gewaarwording. Het gebeurt me eerder nooit dan zelden. Laat staan dat het een muzikant meerdere malen lukt me zo te raken. Chantal Acda is een van de uitzonderingen op de regel. Ook op haar tweede solo-cd staan een paar liedjes waarbij ik bij elke beluistering weer moet slikken als ik ze luister met mensen om me heen. The Sparkle In Our Flaws is dan ook een plaat die ik net als zijn voorganger het liefst in mijn eentje beluister en eigenlijk überhaupt niet wens te delen met anderen. En dan bij voorkeur nog met een goede koptelefoon op en op fluistersterkte. Dan komt de intimiteit en het gedetailleerde landschap van de liedjes pas echt tot volle bloei. Al zou ik me voor kunnen stellen dat de titeltrack met zijn broze koortjes uitgevoerd door een imposant orkest met dito koor het ook heel goed zou doen. Sinds Acda intensiever samenwerkt met Peter Broderick en Shahzad Ismaily staat ze wat mij betreft helemaal op eenzame hoogte als het gaat om Nederlandse singer-songwriters. The Sparkle In Our Flaws is een album dat uitnodigt om in superlatieven over te spreken, maar dat past totaal niet bij het ingetogen en fragiele karakter van de songs. In haar liedjes stelt Acda zich kwetsbaar op en haar teksten hakken er bij mij meer dan eens flink in. Hoe mooi is het als iemand in je oor zingt ‘I Would Save Air For You’ en je voelt dat ze het meent.

File: Chantal Acda – The Sparkle In Our Flaws
File Under: Beste Nederlandse plaat van het jaar.
File Video: [Homes]

Ben Folds – So There

New West

Ben Folds - So There‘8 chamber rock songs with yMusic plus the Concerto for Piano and Orchestra with the Nashville Symphony conducted by Giancario Guerrero’ staat in kleine lettertjes onder de titel So There. Liefhebbers van popmuziek zijn wel eens door minder pretentieuze ondertitels afgeschrikt. In dit geval betreft het echter een nieuw album van Ben Folds. En dat verandert de zaak. Folds schuurde natuurlijk altijd al met zijn solo- en Ben Folds Five-albums langs klassieke invloeden, maar zo nadrukkelijk legde hij er nog nooit de nadruk op. Mijn interesse was dan ook gelijk gewekt, maar wat verwacht je anders van iemand die een groot liefhebber is van ongeveer al het Folds werk en graag een moppie (neo)klassiek hoort. De eerste songs van So There zijn inderdaad echte chamber rock songs. Het is dus niet alleen maar op en top Folds en zijn piano die de klassieke muzikanten van yMusic ontmoet, maar d’r doet ook gewoon een drummer mee. Die zweept de boel in “Capable of Anything” bijvoorbeeld flink op en geeft de song een geweldige drive. Het laat gelijk prachtig horen hoe capabel Folds is om pop met klassiek te laten clashen zonder het geforceerd te laten klinken zonder dat het altijd in een melancholische ballad dient te resulteren. Dat ‘ie dat ook uitstekend kan blijkt wel uit het volgende “Not A Fan” waarin de (alt)viool heerlijk rondzwiert. En dat natuurlijk in combinatie met een typische Folds-tekst die mij heerlijk laat gniffelen elke keer als ik het liedje hoor. Dat Folds een volwaardige klassieke componist én pianist is, wordt pas echt goed duidelijk in het drieluik “Concerto for Piano and Orchestra” dat So There afsluit en dat een mooiere naam verdient dan dit. Of is dat ook een knipoog van de meester? Het is een genot te horen hoe Folds er in slaagt om iets echts klassieks neer te zetten, terwijl daarin toch van die karakteristieke Folds-wendingen zitten waarin je hem bij wijze van spreken tekst hoort zingen die er niet is. Het toont nog maar weer eens te meer aan wat voor bijzonder portret deze Benjamin Scott Folds is.

File: Ben Folds – So There
File Under: Capable of anything

Chelsea Wolfe – Abyss

Sargent House

Chelsea Wolfe - AbyssEr wordt van mij wel eens gedacht dat ik alleen maar van het dartelende Scandinavische prinsessenspul ben. Nou, da’s dus echt niet waar. Zo keek ik al maanden verlangend uit naar de duistere krochten waar Chelsea Wolfe ons op haar nieuwe plaat op zou gaan trakteren. De hooggespannen verwachtingen lost ze met Abyss al na een paar tellen in. De donkere pompende bas waarmee “Carrion Flowers” begint, bezorgt me prompt een onprettig prettig gevoel in de maag. Als Wolfe daaroverheen zelf nog eens haar ijle maar indringende stem laat galmen wordt dit gevoel vervolgens alleen nog maar sterker. Het is vanaf seconde één duidelijk dat Abyss loodzware kost gaat worden. Zelfs een als onschuldig folkliedje beginnende song als “Crazy Love” buigt ze binnen een minuut om naar een beangstigend hoorspel. Dat komt door krijsende en repeterende strijk- en gitaarpartijen waarover Wolfe steeds de twee woorden uit de titel herhaalt, met tussendoor wat gemurmel in andere zinnen. Creepy. Bijzonder fraai is ook het Portishead-esque “Simple Death” waarin je zo maar even lijkt weg te kunnen dromen. Verdacht licht en fris, ook in verhouding tot het gros van de rest van de songs. Je verwacht dan ook een moment waarop de omslag komt en blijft daardoor op je hoede, maar het blijft uit in dit geval. Naast haar vaste bandleden Ben Chisholm Dylan Fuijoka krijgt Wolfe nu ook hulp van de gitaristen Mike Sullivan (Russian Circles) en D.H. Phillips (True Widow) en violist Ezra Buchla, die haar de mogelijkheden geven nog meer lagen aan te brengen. Mooi voorbeeld hiervan is “Iron Moon” waarin Sullivan karakteristiek huishoudt. Voeg daarbij de loodzware productie van John Congleton en je snapt wel ongeveer hoe adembenemend (goed) Abyss is.

File: Chelsea Wolfe – Abyss
File Under: Bloedstollend goed.

BJ Baartmans – Later

Continental

BJ Baartmans - LaterIk volg BJ Baartmans al vanaf het begin van deze eeuw met bovenmatige interesse. Baartmans is zo’n artiest waarvan ik niet snap dat-ie niet al lang een groter podium voor zich gewonnen heeft. Want al tig albums lang doet hij niets fout. Zijn Brabantse tongval is ronduit prettig, zijn songs pakkend en afwisselend, zijn teksten zijn met regelmaat geestig, maar staan vooral ook bol van mooie anekdotes en beschouwingen. Op Later schuift Baartmans soms zelfs richting De Dijk-achtige nedersoul zoals in “Oud Zeer”, waarin de toetsen van Mike Roelofs lekker scheuren terwijl Baartmans de vinger op de zere plek legt in zijn beschouwing over oud zeer. In het titelnummer “Later” knipoogt BJ onopvallend naar Henny Vrienten en Doe Maar. Wat ik altijd prettig vind aan de songs van Baartmans is dat ze op het eerste gehoor altijd relatief eenvoudig klinken. Het zijn luisterliedjes waarvan je de teksten goed kunt verstaan. Iets wat een oudere generatie, pak’em beet van de leeftijd van mijn ouders, ook kan waarderen. Al zal mijn moeder de felheid van de drie muzikale vrienden (naast Roelofs is er ook nog drummer Sjoerd van Bommel) aan het einde van het openingsnummer “Er Speelt Zoveel” al wel op het randje vinden en voor de dik negen minuten durende hommage aan de gitaar, simpelweg “Gitaar!” geheten, zal hetzelfde gelden, ik vind dat opzwepende juist een plus om wegdromen te voorkomen wel prettig. Al geven Baartmans, Roelofs en Van Bommel je daar op dit album sowieso weinig kans toe. Meer dan op zijn Nederlandstalige voorgangers varieert Baartmans. Wat geinig is aan Later is dat voor wie de cd koopt, er ook een Engelstalige variant beschikbaar is van de plaat. Wat minder verrassend is, is dat de liedjes van Baartmans ook in het Engels staan als een huis. Een liedje dat goed is, blijft goed – zelfs al zou Baartmans het in het Chinees zingen.

File: BJ Baartmans – Later
File Under: In alle talen goed

And So I Watch You From Afar – Heirs

Sargent House

And So I Watch You From Afar - HeirsSoms denk ik wel eens dat het lijkt of ik maar twee versnellingen ken: alles hard of alles zacht en dan bij voorkeur het eerste. Een beetje zozo, lafjes half er voor gaan, dat zit niet in mijn repertoire. Of ik nu hardloop, de pedalen van de racefiets gesel of werk, zo zit ik in elkaar. Ik probeer het wel eens, lukken wil het niet echt. Wat dat betreft kan ik nog wel wat leren van de post-rockers van And So I Watch You From Afar. Zij laten op hun nieuwe album Heirs horen, dat er tussen alles hard, alles zacht ook nog wel een gulden middenweg is. En – vooral – dat daardoor die harde klappen (of zachte aaien al hebben die ook niet hun voorkeur, maar ze zetten ze wel geraffineerd in) daardoor nog doeltreffender worden. Openingstrack “Run Home” schudt je bijvoorbeeld gelijk goed door elkaar en maakt je wakker. Mathrock-gitaarpartij, pompende drums en in een keer meeblèrbare teksten (hoeveel makkelijker dan ‘Run… Home’ en ‘joah joah joah’ kan het worden). Maar dodelijk effectief is het wel. Net als het halverwege de song plotsklap compleet de voet van het gas te halen en een melancholisch stukje finger-picking te introduceren. Om na dit intermezzo nog een keer je alle hoeken van je koptelefoon te laten horen. Het zou gemakkelijk zijn dit trucje song op song te herhalen, maar ASOIWYFA kiest juist voor meer variatie en dynamiek. De clash van post-, math- en indie-rock die dit oplevert in al zijn mogelijke gradaties boeit keer op keer. ‘It’s been redesigned a million times of more’ zingen ze ergens halverwege de plaat. Dat zal wel, maar zo goed als ze dat zelf doen, dat hoor je veel te weinig, helaas.

File: And So I Watch You From Afar – Heirs
File Under: Meesterlijk.

Paradise Lost – The Plague Within

Century Media

Paradise Lost - The Plague WithinEr was een tijd dat de eerste albums van Paradise Lost een vast plaatsje hadden naast mijn cd-speler en discman. Een zelden vertoonde reeks klassiekers waarbij een zwakke broeder aanwijzen onmogelijk was. Staalkaarten van death/doom/gothic. Wat ze daarna deden (met rare bijna Depeche Mode-achtige uitstapjes) was niet per sé slecht, maar het had nooit meer dezelfde impact op me. Toen ik ergens online een snippet hoorde van een de nieuwe tracks van The Plague Within spitste ik gelijk mijn horen. Huh wat? Paradise Lost keert terug naar zijn roots? Dat leek me in eerste instantie een soort van oudejongenskrentebroodzwaktebod, tippen aan klassiekers als Icon, dat zou toch volstrekt onmogelijk zijn? Bij nadere beluistering van dit nieuwe album blijkt dat inderdaad zo te zijn. Maar mag je de lat nog zo hoog leggen? Overtuigen doet The Plague Within namelijk wel. Het is een overtuigend duister album met Paradise Lost in topvorm. Teruggrijpen op het verleden kan dus wél op een manier die niet een gemakkelijke weg naar faam is. Zelfs de grunt van Holmes is nog steeds prima in orde en is een prima aanvulling op zijn normale zang, terwijl daar dik twintig jaar na die topalbums best wat sleet op had kunnen zitten. Met de death doom op The Plague Within is dan ook niets mis, maar gezien de zijstap van gitarist Greg Machintosh met Vallenfyre en het frontmanschap van Nick Holmes bij Bloodbath is het eigenlijk ook wel een logische stap dat Paradise Lost wat verhardt. Doordat ze daar nog wat extra variatie aan toevoegen richting zowel uptempo (stukken “Flesh From Bone” gaan gewoon richting Slayer-snelheden) als superslow wordt het alleen maar leuker. Het maakt The Plague Within zo maar plotsklaps tot mijn op vijf na favoriete Paradise Lost-album. En dat had ik niet meer verwacht mee te maken!

File: Paradise Lost – The Plague Within
File Under: Geslaagde terugkeer naar de sombermansroots